Canopy piloting
Bij het nieuwste wedstrijdonderdeel binnen het parachutespringen, canopy piloting of swoop, is het de bedoeling met kleine, snelle parachutes over verschillende parkoersen op de grond te vliegen. Er zijn parkoersen voor snelheid, afstand en precisielandingen. Er zijn twee categorieën waaraan de deelnemers mee kunnen doen, de intermediate categorie, voor de minder ervaren CP springers en de open categorie voor de zeer ervaren CP springers. Alle resultaten zijn op individuele basis.
Bij alle onderdelen wordt de start gemeten met behulp van een ‘entry gate’. Dit zijn twee palen op de grond waar, met behulp van lichtmeting en een camera, wordt bekeken of de springer door de gate heen vliegt. Als hij deze mist is zijn resultaat in ieder geval 0.
De wedstrijd wordt versprongen over 9 ronden: 2 ronden snelheid, 2 ronden afstand, 2 ronden precisie, een halve finale (afstand) en 2 finale ronden (precisie). Bij het onderdeel afstand moet er een zo lang mogelijke afstand worden afgelegd vanaf de entry gate. Bij speed is het de bedoeling over een parcours wat in een bocht ligt zo snel mogelijk tussen een entry en exit gate door te gaan. Bij precisielanden moet de springer nadat hij door de entry gate is gevlogen op een bepaald gebied landen. Te kort levert minder punten, te ver levert 0 punten.
Alle resultaten van de sprongonderdelen hierboven worden vertaald in een totaalklassement waarna de winnaars worden vastgesteld.
Zoals bij alle onderdelen staat veiligheid voorop bij dit onderdeel. Daarom zijn er twee klassen en moet er, indien mogelijk, een vijver zijn voor de entry gate. Mocht het gebeuren dat de springer een inschattingsfout maakt, dan houdt hij hier alleen een nat pak aan over.


